Juridisch Nieuws
Juridisch Nieuws
Wetsvoorstel bewaarplicht telecommunicatiegegevens naar Eerste Kamer
14-08-2008
Internet- en telecomproviders krijgen binnenkort wellicht te maken met een bewaarplicht van 12 maanden voor telecommunicatiegegevens. Dit om ernstige criminaliteit op te sporen. Wat betekent dit voor providers en voor de privacy van burgers?
De bewaarplicht vloeit voort uit de Europese Dataretentierichtlijn uit 2006. Op basis van deze richtlijn dienen internet- en telecomproviders bepaalde telecommunicatiegegevens, zoals verkeers- en locatiegegevens, enige tijd te bewaren. Doel van de richtlijn is om ervoor te zorgen dat deze gegevens beschikbaar zijn voor het onderzoeken, opsporen en vervolgen van ernstige criminaliteit. De lidstaten mogen zelf bepalen hoe lang de gegevens bewaard moeten worden, zolang deze termijn ligt tussen de zes maanden en twee jaar.
Uiteindelijk heeft de Tweede Kamer na lang overleg gekozen voor een bewaartermijn van twaalf maanden. Vooral de privacyaspecten stonden ter discussie. Het bewaren van telecommunicatiegegevens kan een behoorlijke inbreuk op het privé-leven van burgers vormen, terwijl het nut van het bewaren van deze gegevens niet altijd aantoonbaar is. Ook speelt het feit dat het moeilijk is om al deze gegevens adequaat te beveiligen, een rol. De provider zal zijn organisatie daarop moeten aanpassen, met alle kosten van dien.
Het gaat hier overigens om vele aanvragen van inlichtingen- en opsporingsdiensten per jaar. Uit gegevens van het Centraal Informatiepunt Onderzoek Telecommunicatie (CIOT) blijkt dat het aantal aanvragen voor telefoniediensten in 2006 meer dan 1,8 miljoen bedroeg, waarbij het merendeel voor rekening van de politie kwam (93%). Op basis van de opgevraagde gebruikersgegevens kunnen inlichtingen- en opsporingsdiensten vervolgens de verkeersgegevens opvragen bij de provider. Ook hier zal het dus om grote aantallen gaan.
Nu de Tweede Kamer heeft ingestemd, moet het wetsvoorstel door de Eerste Kamer worden bekeken. Het is de verwachting dat de Eerste Kamer pas na de zomer tot stemming komt. Overigens zijn vanuit de Eerste Kamer al wel kritische geluiden over het wetsvoorstel vernomen.
Voor vragen kunt u contact opnemen met dr. Elisabeth Thole, T + 31 (020) 6789 293, E: thole@van-doorne.com
