Juridisch Nieuws

Aanscherping gebruik advies Bureau BIBOB

19-06-2008

Sinds een aantal jaren kunnen bestuursorganen bij het afgeven van een vergunning of verstrekken van een subsidie een zogenaamde BIBOB-toets doen (Wet Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur). In twee recente uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) is het gebruik van BIBOB-adviezen aangescherpt.

Een bestuursorgaan, dat vermoedt dat een vergunning voor verkeerde, criminele doeleinden wordt gebruikt, kan een advies aanvragen bij Bureau BIBOB. Dit bureau onderzoekt dan de antecedenten van een vergunninghouder of - aanvrager, de zogenaamde integriteitsscreening, en geeft daarover een advies. Indien uit het advies blijkt dat er gevaar dreigt op criminele activiteiten met de vergunning, kan het bestuursorgaan de vergunning weigeren of intrekken.

In de twee recente uitspraken van de ABRvS zijn de normen voor het gebruik van BIBOB-adviezen nader aangescherpt. Informatie van de Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE) kan in beginsel als betrouwbaar gelden. Echter, indien het Bureau BIBOB informatie uit de registers van het CIE betrekt en die informatie niet op enigerlei wijze bevestigd of gecontroleerd kan worden, is er steunbewijs nodig om de informatie uit het register ten grondslag te leggen aan het (negatieve) BIBOB-advies.  De ABRvS geeft ook nog aanwijzingen waaruit dat steunbewijs zou kunnen bestaan. Een verklaring van de CIE dat hun informatie betrouwbaar is, is niet voldoende. Het moet gaan om concrete feiten, omstandigheden of achtergronden. De betrokkene moet immers gelegenheid hebben zich te verweren tegen de vermoedens.

De uitspraken zijn van groot belang voor diegenen die met een BIBOB-maatregel worden geconfronteerd. Het bestuursorgaan moet een BIBOB-maatregel motiveren. De enkele verwijzing naar een BIBOB-advies is niet altijd voldoende.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mr. Bart Pijpers, T: +31 020 6789 733, E:pijpers@van-doorne.com

Van doorne