Van Doorne

Van Doorne Nieuwsbrief

November 2007  
 
 
Onderwerpen
 
 
Insolventie

Voorontwerp Insolventiewet pleit onder meer voor één insolventieprocedure

Op 2 november is door een adviescommissie van de regering het lang verwachte Voorontwerp Insolventiewet gepubliceerd. Hiermee wordt beoogd de huidige Faillissementswet te moderniseren. De drie verschillende procedures (faillissement, surséance van betaling en schuldsanering) worden samengebracht in één insolventieprocedure. Ook inhoudelijk verandert er nogal wat. Zo wordt een tijdelijke doorleveringsplicht voor leveranciers voorgesteld en wordt de positie van de fiscus en het UWV ten gunste van concurrente schuldeisers verzwakt.

Overlevingskansen vergroot door doorleveringsplicht
De overlevingskansen van een insolvente onderneming worden begunstigd door een 'automatische' afkoelingsperiode van (tenminste) één maand. In deze periode mag er niets uit de boedel worden weggehaald en zijn bestaande leveranciers verplicht om dóór te leveren, uiteraard tegen betaling. Die verplichting geldt niet voor banken.

Positie concurrente schuldeisers versterkt
Bij uitdelingen gaan preferente schuldeisers, zoals fiscus en UWV, niet meer geheel voor, maar moeten zij delen met de concurrenten, in de verhouding 2:1. Er wordt in het voorstel overigens gepleit voor de afschaffing van preferenties zoals die van de fiscus en UWV, en voor de afschaffing van het zogeheten 'bodemrecht' van de fiscus. Aangezien deze materie echter in andere wetten is geregeld, vindt men hierover in de wettekst van het Voorontwerp zelf niets terug.

Boedelschuldeisers moeten inleveren
Ook de boedelschuldeisers moeten inleveren: de verhuurder bij faillissement van de huurder en de werknemers bij faillissement van hun werkgever. Werknemers merken daar niet veel van, omdat hun salarisbetaling is verzekerd door de Loongarantieregeling, uitgevoerd door het UWV. Het UWV zelf moet bij het terugclaimen op de boedel van de betaalde bedragen een forse veer laten. De rode draad bij dit alles is dat de positie van individuele - concurrente - schuldeisers versterkt wordt ten laste van het 'collectief', in het bijzonder van de (semi)overheid. De positie van de banken als 'separatist' (op basis van pandrecht of hypotheek) verandert niet wezenlijk, zij het dat de bewindvoerder in beginsel een zelfstandig recht krijgt om de bezwaarde goederen voor de banken te gelde te maken, waarbij de banken een van hogerhand vastgestelde 'boedelbijdrage' moeten betalen.

'Schone lei' minder vanzelfsprekend
Voor wat betreft natuurlijke personen: anders dan nu bij toelating tot de Schuldsaneringsregeling krijgen zij in de toekomst bij insolventverklaring (al dan niet op eigen verzoek) nog geen enkele indicatie dat zij aan het eind van de rit ook daadwerkelijk schuldenvrij worden verklaard (de 'schone lei'). Dat komt doordat de toetsing van de belangrijke vraag of zij bij ontstaan van hun schulden te goeder trouw zijn geweest, van de beginfase naar de eindfase wordt verschoven. Het nemen van een 'gokje' wordt dus minder aantrekkelijk. Voorts kan een 'natraject' van schuldbegeleiding verplicht worden gesteld.

Schuldeisersakkoord
Werkelijk nieuw is een hoofdstuk over het kunnen treffen van een schuldeisersakkoord buiten insolventie. De rechtbank moet een voorgenomen akkoord goedkeuren en zal, voordien, een 'stille bewindvoerder' benoemen, onder meer om de goede gang van zaken te controleren. De zaak blijft buiten de publiciteit. Het grote belang van de regeling is dat dwarsliggende schuldeisers, zolang zij een minderheid vormen, kunnen worden 'overruled', zonder dat een formele en openbare insolventieprocedure nodig is. De regeling zal overigens alleen behoorlijk kunnen werken als zij tussen schuldenaar en schuldeisers grondig is 'voorgekookt'.

Internationale faillissementen
Nieuw is tenslotte ook een aantal bepalingen op basis waarvan internationale faillissementen, komend van buiten de EU (en daarom niet vallend onder de EU Insolventieverordening) in Nederland kunnen worden erkend en geëffectueerd. Nederland loopt in dit opzicht achter bij andere landen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mr. Paul Schaink, Praktijkgroep Insolventie.

Terug naar de nieuwsbrief »

 

Voor meer informatie, neem contact op met nieuwsbrief@van-doorne.com

Van Doorne N.V., Jachthavenweg 121, 1081 KM Amsterdam
Postbus 75265, 1070 AG Amsterdam, T:+31 (0)20 6789 123, F:+31 (0)20 6789 589

Ofschoon aan de inhoud de uiterste zorg is besteed, strekt de nieuwsbrief uitsluitend ter voorlichting en wordt niet beoogd juridisch advies te verlenen over concrete onderwerpen. Van Doorne N.V. kan geen aansprakelijkheid aanvaarden voor eventuele (gevolgen van) onjuistheden of omissies. U mag deze nieuwsbrief ongewijzigd doorzenden.

 

aanmelden   afmelden   Disclaimer   adres gegevens wijzigen   Print

 

© 2007 Van Doorne N.V.