|
Preventief medisch onderzoek vaak vergunningplichtig
Veel instellingen die preventief medisch onderzoek (health checks) aanbieden, handelen in strijd met de
Wet op het Bevolkingsonderzoek (WBO).
Bij 20 van de 22 onderzochte instellingen ontbrak de benodigde vergunning.
De meeste instellingen zijn zich hier vaak niet van bewust.
De Inspectie voor de Gezondheidszorg (Inspectie) vindt daarom dat er een duidelijke richtlijn moet komen die eisen stelt aan het preventief medisch onderzoek in Nederland.
De Inspectie heeft vorige maand het rapport 'toezicht op preventief medisch onderzoek' uitgebracht.
Het rapport bevat een onderzoek naar het aanbod en de uitvoering van preventief medische onderzoeken in Nederland.
De Inspectie heeft 22 instellingen onderzocht die mogelijk vergunningplichtig preventief medisch onderzoek aanbieden in de zin van de WBO.
De WBO heeft als doel mensen te beschermen tegen de risico’s van het bevolkingsonderzoek en maakt bepaalde onderzoeken vergunningplichting.
Onderzoeken waar een vergunning voor nodig is, zijn: onderzoek met behulp van ioniserende straling (straling met hoge energie),
onderzoek naar kanker en onderzoek naar ernstige aandoeningen waarvoor preventie of behandeling niet mogelijk is.
Indien een vergunning wordt verstrekt, betekent dit dat het onderzoek wetenschappelijk aan alle eisen voldoet, dat deze in overeenstemming is met wettelijke regels voor het medisch handelen.
En dat deze in overeenstemming is met wettelijke regels voor het medisch handelen en dat het te verwachten nut van het
bevolkingsonderzoek opweegt tegen de risico’s ervan voor de gezondheid.
De Inspectie is van mening dat de begrippen uit de WBO verhelderd moeten worden, zodat voor het veld duidelijk is wat deze begrippen betekenen.
Instellingen interpreteerden het begrip ‘aanbod van bevolkingsonderzoek’ zoals gedefinieerd in de WBO namelijk onjuist.
Ook zal de WBO dan makkelijker te handhaven zijn.
Omdat het voor sommige onderdelen van het preventief medisch onderzoek niet duidelijk is of zij vergunningplichtig zijn, kan de Inspectie over deze onderdelen moeilijk uitspraken doen en hierop niet handhaven, aldus de Inspectie.
De Inspectie adviseert de minister van VWS dan ook om de WBO te herzien en helder aan te geven wat vergunningplichtige activiteiten zijn en wie strafbaar is indien de benodigde vergunning niet voorhanden is.
Nu is dat alleen de uitvoerder, terwijl de Inspectie het wenselijk vindt dat ook de aanbieder strafbaar wordt.
Tot slot stelt de Inspectie vast dat de cliënt niet altijd volledig wordt geïnformeerd over het doel, de te verwachten gevolgen en de risico’s van het onderzoek.
De Inspectie acht het wenselijk dat koepels en beroepsgroepen een multidisciplinaire richtlijn opstellen waarin de kwaliteitseisen voor preventief medisch onderzoek staan beschreven.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met
mr. Willemien Bischot of mr. Marg Janssen,
Marktgroep Gezondheidszorg.
Terug naar de nieuwsbrief »
|